Een zonnige lentedag in Rotterdam

Het zal niemand zijn ontgaan dat het afgelopen zondag een heerlijke dag was. Samen met maatje Peter toog ik op de fiets naar de stad om daar wat foto’s te maken. Peter en ik delen een voorliefde voor boten en schepen dus zou dat ook het hoofdonderwerp gaan worden.

Genietend van deze eerste echte lentedag klikten wij er vrolijk op los. Als eerste togen wij naar de oude jachthaven waar een aantal werkelijk prachtige oude zeiljachten liggen.

Daarna fietsten we door naar de Leuvehaven, waar het Maritiem Museum is gevestigd. Daar liggen een aantal mooie en interessante schepen, evenals een mooie oude graanzuiger, zoals die vroeger werden gebruikt bij het lossen van graanschepen.

Sleepboten hebben altijd mijn bijzondere interesse. Hier twee oude havenslepers van net na de oorlog…

Leuk doorkijkje én mijn nieuwe bureaubladfoto.

De stoommachine van de oude graanzuiger…

Zou dit ook de originele communicatiemethode uit die tijd zijn?

Vandaar uit fietsten we over de Erasmusbrug naar de kade van de HAL, waar deze keer geen cruiseschip lag maar van waaruit je wel weer een mooie blik hebt op diezelfde Erasmusbrug, en op de skyline van Rotterdam.

Hoezo ijdel? Hahaha

Vandaar uit ging het over de nieuwe brug over de Rijnhaven naar Katendrecht. Midden op de brug nog een mooi plaatje van de skyline aan de Rijnhaven.

Met een tussenstop bij de karwei, voor een blikje Aquarius, togen wij het schiereiland over naar de Maashaven, meer in het bijzonder naar de s.s. Rotterdam.

Ondanks het feit dat deze foto erg zijn best doet krijg je de enorme grootte van het schip niet echt goed afgebeeld.

Inmiddels liep de dag naar zijn einde en werd het, in de schaduw, plotseling best fris wat ons er weer aan herinnerde dat het officiëel nog steeds winter is. En dus stapten we weer op de fiets en zijn we, na een heerlijk dagje, weer naar huis gefietst.

Advertenties

Regenboog

Een paar weken geleden was ik getuige van het uitvaren van het cruiseschip de ms Rotterdam. Zoals gewoonlijk werd zij uitgeleide gedaan door een schip van de havendienst, met spuitende waterkanonnen. Dat gaf in het zonlicht een heel mooi effect.

Regenboogeffect

Maassluis: Openlucht museum ter herinnering aan de Nederlandse zeesleepvaart.

Vanmiddag ben ik naar Maassluis gereden om daar de Furie te gaan bezichtigen. Aanvankelijk maakte een lichte teleurstelling zich van mij meester toen haar vaste ligplaats leeg bleek te zijn.

Ernaast ligt de Hudson. Dit is een zeesleepboot uit 1939 die nu gerestaureerd is in vrijwel originele staat en dienst doet als museumschip. De Hudson kan helaas niet meer varen. Zij heeft vanaf 1964 tot 1989 dienst gedaan als ijsschilferfabriek en is in die hoedanigheid op het casco na gesloopt.

In 1991 is zij door de stichting Help De Hudson gekocht en vanaf 1992 is zij in Vlaardingen teruggebracht in vrijwel haar originele staat. Alleen bleek ook de originele motor niet meer aanwezig en heeft zij een andere motor gekregen die een stuk kleiner is dan het origineel. Zij kan, om deze reden, niet meer zelfstandig varen.

De Hudson op haar plaats in Maassluis

De rondleiding was desalniettemin zeer interessant en mij bekroop het gevoel (niet voor het eerst) dat ik, als ik in die tijd had geleefd, ik op schepen als deze had willen varen.

De bemannings messroom.

Hierboven zie je de messroom voor het dekvolk. Zoals je kunt zien was deze klein. De tafel is nu afgedekt met plexiglas. De opstaande randen zijn origineel en zorgden ervoor dat de borden en het bestek ook met zware zee op tafel bleven staan.

Runnersverblijf

Ook de verblijven, zoals hier die van de runners en die van de matrozen, zijn opgeleukt voor museumdoeleinden. Overigens werden dit soort modellen vaak wel gebouwd aan boord. Bemanningen van dit soort schepen konden soms wel een jaar weg zijn en als men “op station” lag (in afwachting van een bergingsklus in de haven liggend) diende de bemanningsleden zichzelf toch te vermaken. Ook de kooien (de bedden) zijn nu afgedekt met plexiglas.

Brug en stuurhut

Hierboven zijn brug en stuurhut te zien, vanaf de voorplecht. Zoals alles aan boord is ook de stuurhut zeer klein.

Het achterschip, met de koekoeksluiken.

Hierboven zie je het achterschip, met de koekoeksluiken waaronder zich de machinekamer bevind, en de geleidebeugels waar de sleeptros over liep.

Het bovendek met links de stuurhut en het trapje naar het dak, waar zich de radar en radioantennes bevinden.

Al met al was het een zeer interessante rondleiding. Tevens bleek dat de Furie om de hoek aan de kade van de werf lag voor groot onderhoud. Na niet eens veel speurwerk vond ik haar en bleek dat men bezig was met het vervangen van het berghout (stootrand rond het schip).

De witte lijn markeert het ontbrekende berghout...

Vanwege deze werkzaamheden zijn de bemanningsverblijven gedeeltelijk onttakeld en is het schip in principe niet open voor bezichtiging. Maar een van de vrijwilligers bleek toch bereid mij een rondleiding te geven, iets wat ik zeer op prijs heb gesteld.

Hiermee ging voor mij een droom in vervulling. Eindelijk was ik aan boord van het schip dat voor de TV serie Hollands Glorie werd aangekocht en omgebouwd, eerst tot Jan van Gent en daarna tot de Furie, welke naam het schip nu nog steeds heeft.

In tegenstelling tot de Hudson vaart de furie nog zelf en doet dit ook nog regelmatig. Zij maakt overigens niet meer gebruik van een kolengestookte stoommachine maar is in de jaren ’50 omgebouwd naar een oliegestookte stoommachine.

Grappig detail is dat de Furie uit Hollands Glorie wel degelijk kolen gestookt was. Normaal gesproken lag de stookplaats een paar meter van de machinekamer en werd met elkaar verbonden door een kort gangetje. Maar omdat dit niet goed in beeld te brengen was werd het gangetje halverwege dicht gemaakt en werd er “gestookt” in het begin van het gangetje. Wie ooit de serie weer ziet zal vanaf nu weten dat de kolen gewoon het gangetje in worden geschept waar met behulp van verlichting de vuren worden gesimuleerd.

Veel foto’s heb ik, door de onderhoudswerkzaamheden, niet gemaakt aan boord maar de paar die ik wel maakte ga ik jullie natuurlijk niet onthouden.

Stuurhut van binnen.

De stuurhut, vanaf de brug gezien. Erachter (niet zichtbaar) de kaartenhut.

Het achterschip, met de koekoeksluiken naar de machinekamer en de sleeptrosgeleidebeugels.

Beeld van de opbouw, met de brug, vanaf het achterschip.

Blik vanaf de kade op de brug, stuurhut en kaartenhut. Eronder, in het witte gedeelte, de walengang met de bemanningsverblijven.

De voorplecht met de legendarische naam Furie.

Ik vond het geweldig dat ik, ondanks de werkzaamheden, toch even een kijkje aan boord mocht nemen en ga zeker nog eens terug.

Hierna ben ik nog even in de buitenhaven wezen kijken. Hier ligt de derde museumsleper, de Elbe. Deze sleepboot is de grootste van de drie en ook de jongste. Echter zijn hier nog de restauratiewerkzaamheden in volle gang en dus is het schip nog niet open voor publiek.

Zeesleepboot Elbe

Maassluis is zich sterk aan het profileren als openluchtmuseum voor de Nederlandse zeesleepvaart. Ik vind het geweldig dat op deze wijze een stuk industriëel erfgoed, dat ooit een zeer belangrijke rol in de nautische wereld speelde, behouden blijft.

Ik heb in ieder geval super genoten vandaag!!!

Eurodam vuurwerk

Het zal velen van jullie niet zijn ontgaan dat afgelopen week de nieuwste aanwinst van de Holland Amerika Lijn, de Eurodam, officiëel in de vaart is genomen. Gisteren was de officiële doop, door koningin Beatrix.

Rond 5 uur vertrok onze vorstin weer naar Den Haag maar dat betekende niet het einde van de festiviteiten. Ongetwijfeld hebben “the rich and famous” aan boord e.e.a. gevierd met vorstelijk royale uitspattingen op culinair en alcoholisch gebied maar ook voor ons, gewone mensen, stond er nog iets op het programma.

De HAL had toestemming gekregen om de aanstaande uitvaart van de Eurodam in te luiden met een groot vuurwerk. En dus togen mijn maatje Peter, zijn vader en ik naar de stad om dit schouwspel te fotograferen.

Wij waren uiteraard niet de enigen die op dit lumineuze idee kwamen en toen wij rond kwart over tien aankwamen stonden er al heel wat mensen. Maar gelukkig was er nog wel een plekje waar wij onze camera’s met statieven kwijt konden.

Het uurtje dat we moesten wachten tot het vuurwerk begon wisten we uitstekend door te brengen met het maken van sfeer- en proefopnames en het uitproberen van de diverse instellingen.

En toen het vuurwerk uiteindelijk begon was alles weer anders. Maar goed, het mocht de pret niet drukken en aangezien het hele feest een half uur duurde was er uiteindelijk meer dan genoeg tijd om mooie plaatjes te maken.

Zie hier het resultaat:

Het leek even een moeilijk verhaal te gaan worden maar uiteindelijk denk ik dat ik het er best goed heb afgebracht.

Nog één keer een beeld van dit majestueuze schip…

Vermoeiend maar absoluut de moeite waard.

Vrijdagmorgen half tien (een half uur later dan gepland) stapten we in de auto opweg naar Denemarken. De reis voorliep voorspoedig afgezien van files boven Hamburg en Kolding als gevolg van ongevallen en een (kleine) omweg rond xc4rhus. Om kwart voor acht ’s avonds kwamen wij in Nodager aan en bleken we, toen we het echt even niet meer wisten, op 150 meter van onze eindbestemming, de motorcamping, te zitten.

Het weerzien met Mogens was meer dan hartverwarmend en na goed gegeten te hebben kwamen er bier en goede herinneringen op tafel. Rond half drie besloten we dat het welletjes was en togen wij richting bed.

Slapen deden wij in ‘cabins’, houten huisjes met zes bedden (en niets meer dan dat). In onze cabin waren we met vijven ingekwartierd, waaronder een (mij ook bekend) nederlands stel dat al een dag eerder was aangekomen. Ik heb voornamelijk wakker gelegen, druk doende het koor van drie zeer luide snurkers te dirigeren. Het heeft mijn pret niet mogen drukken.

Na het ontbijt (wat niet precies om acht uur plaatsvond) togen wij met vieren richting Ebeltoft, een klein stadje dat het op één na oudste stadje van Scandinavië blijkt te zijn (het oudste is Ribe en ligt in het zuidwesten van Denemarken).

ebeltoft-fregatten-jylland-2005In Ebeltoft, dat op ongeveer 30 km van Nodager ligt, brachten wij een bezoek aan een Deens fregat uit 1860 en het glasmuseum. Na in het pittoreske en zeer oude centrumpje iets te hebben gegeten reden we terug naar de motorcamping alwaar het feest om vier uur z’n aanvang zou hebben.

Het was al lekker druk toen we terugkwamen en de stemming zat er al gauw in. Dankzij een perfect verzorgde maaltijd onstond er bij een goede bodem dus heb ik lekker kunnen drinken ondanks het feit dat ik nauwelijks geslapen had.

Met ongeveer honderd aanwezige gasten, van wie velen op de motor waren gekomen en in tentjes sliepen, verliep het feest fantastisch en om half vier gaf ik eindelijk (nog niet eens als laatste) de strijd op en toog ik wederom naar bed.

Dat de vermoeidheid toesloeg was een zege want ik heb weliswaar kort maar goed geslapen, ondanks een hernieuwd optreden van het Snurker Mannenkoor.

Des morgens was alles helaas alweer voorbij en na het ontbijt werd roerend afscheid genomen met beloftes om elkaar hier of daar weer te zien. Rond half elf werd de terugtocht aanvaard die eindeloos leek te duren maar om negen uur was ik dan eindelijk weer thuis en kon ik terug kijken op een vermoeiend maar zeer geslaagd weekend.